9 oktober 2013

Verslag bijeenkomst taalcoaches

Ongeveer 50 taalcoaches hebben deelgenomen aan de bijeenkomst op woensdag 9 oktober op de derde etage van de Centrale Bibliotheek. Nadat Ellie de bijeenkomst had geopend, iedereen welkom had geheten en de nieuwe leden van het coördinatieteam voorgesteld gaf zij het woord aan de inleidster: een van onze taalcoaches, Antoinette van der Maas. Zij hield een vlotte presentatie over problemen die de anderstalige heeft met de uitspraak van het Nederlands waardoor hij of zij vaak minder goed verstaanbaar is. Zij heeft inmiddels zo'n negen jaar ervaring met een op een contacten met anderstaligen afkomstig uit een groot aantal landen maar heeft ook ervaring als lerares Frans en als tolk/vertaler Engels. “Vandaar dat ik hier nu sta en niet u”. 

De taalwetenschapper John Kenworthy omschreef het begrip verstaanbaarheid als begrepen worden door een luisteraar op een gegeven moment en in een bepaalde situatie. Didactiek noemde hij onnatuurlijk omdat we zo onze moedertaal ook niet hebben leren spreken. Bij de uitspraak gaat het om fonetiek: het bestuderen van de productie, overbrenging, perceptie, classificatie en fysieke en akoestische eigenschappen van spraakklanken en hoe die zijn georganiseerd binnen een taal. Voor de omgang met een taalmaatje is dit echter veel te technisch. Hij of zij zou er maar door ontmoedigd worden en dat is wel het laatste wat we willen, aldus Antoinette. 

Net als bij volwassenen met gedragsproblemen moeten taalmaatjes eigenlijk gedeprogrammeerd worden. De uitspraakproblematiek wordt bepaald door zaken als klemtoon, accent, intonatie, ook het ritme is belangrijk. Voor anderstalige is het hebben van een accent vaak een probleem, vooral bij het opbellen naar officiële instanties. Zij worden dan vaak slecht te woord gestaan. Het is eigenlijk een alledaagse vorm van discriminatie. Voor de anderstalige kan het een probleem zijn dat hij het verschil tussen bepaalde klanken die hij in zijn eigen taal niet tegenkomt ook niet hoort. Je kunt de juiste uitspraak dan wel blijven herhalen, maar je schiet er niet veel mee op. 

Uiteindelijk wordt de verstaanbaarheid bepaald door de prosodie, een verzamelterm die staat voor klemtoon, zinsaccent, ritme, pauzes en intonatie. Ook het spraaktempo beïnvloedt de verstaanbaarheid. Frans is vaak moeilijk te volgen omdat de Fransen aan woordbinden doen. Je weet niet waar het ene woord ophoudt en het andere begint. Prosodie is bepalend voor een prettig verloop van een gesprek. Klemtoon en intonatie geven de bedoeling weer. Pauzes bakenen zinnen, zinsdelen en woorden af, zodat de grammaticale opbouw duidelijk wordt. Om een gesprek goed te laten verlopen is ook de beurtwisseling van belang. In je eigen taal hoor je wanneer een ander een reactie verwacht. In een vreemde taal is dat veel moeilijker zowel om te horen als om aan te geven. Ook wordt een vlakke of afwijkende intonatie als vreemd of onbeleefd ervaren, soms ook niet serieus genomen. 

In principe is er ook niets mis met een accent. “We moeten ons realiseren dat je een taal eigenlijk alleen accentloos kunt leren spreken als je daarmee al voor je elfde begonnen bent. Bovendien is taal een onderdeel van je identiteit, waardoor je je er instinctief tegen verzet om anders te gaan spreken dan je gewend bent te doen.” 

Tenslotte gaf Antoinette haar gehoor nog een aantal tips. Hoe pakken we het aan? Oefenen, oefenen, oefenen. Bewustwording zowel bij taalcoach als taalmaatje. De verwachtingen moeten niet te hoog gespannen zijn. Aanmoedigen om kritisch naar radio en tv te luisteren. Eventueel kun je ook bandopnamen maken en terugluisteren. In sommige gevallen kun je verwijzen naar een logopedist. Verder: zorg dat het leuk is! Negeer een laag tempo, want anders is het demotiverend. Moedig aan, streef niet naar 100% correct, laat dus af en toe wat lopen. Ook kan het goed zijn om niet te verbeteren maar terloops te herhalen zonder de fout. Het oefenen van dialogen kan behulpzaam zijn evenals klemtoonoefeningen en oefeningen met de schwa (een vakterm voor de stomme e in woorden zoals onmiddellijk). Die stomme e komt in andere talen nauwelijks voor en speelt bij ons een belangrijke rol, dus het is goed daar aandacht aan te besteden. Verder kun je oefenen met zinsaccent en zinsmelodie of je kunt ritme oefenen door middel van rijmpjes en tenslotte natuurlijk: zingen! 

Nadat in een zestal subgroepen ervaringen met de uitspraak van de anderstaligen waren uitgewisseld vatte Antoinette de belangrijkste conclusies nog even samen. Je moet niet bang zijn om te corrigeren, het is belangrijk een zin goed te herhalen, de sfeer moet goed blijven, je kunt om de beurt een tekst lezen en tijdens het jaar dat je elkaars maatje bent kun je het spreektempo geleidelijk verhogen. 

Uit handen van Ellie Christoffersen kreeg Antoinette een mooi boeket en een fles wijn voor haar vakkundig gebracht presentatie waarna het tijd was voor het informele gedeelte van onze bijeenkomst. 

Wim Koole

© 2017 Knijnenburg Producties